Dyslexiebeleid

Dyslexiebeleid

Het Sterren College heeft te maken met een grote groep leerlingen die op het gebied van taal problemen heeft. Het doel van de school is dat er voor iedere leerling een kwalitatief hoogwaardige leeromgeving wordt geboden die inspireert, stimuleert en veilig is. Wij zijn ons ervan bewust dat het aanbieden van ondersteuning en faciliteiten voor leerlingen met dyslexie een belangrijke bijdrage levert in het realiseren van dit doel.

Elke leerling bij ons op school wordt geacht het eindexamen te kunnen halen, met de extra hulp en faciliteiten moeten ook dyslectische leerlingen hiertoe in staat zijn.

Dyslexie heeft niet alleen consequenties voor de taalvakken, maar voor alle vakken die een beroep doen op functioneel lezen en schrijven. Het is daarom belangrijk dat de school aan de leerling met dyslexie tijdens de schoolloopbaan die ondersteuning biedt die noodzakelijk is.

De begeleiding van dyslectische leerlingen is niet alleen de verantwoordelijkheid van de mentor of van de remedial teacher, maar van iedereen binnen de school in samenspraak met de leerling en ouders.

In dit document geven wij de uitgangspunten waarop wij ondersteuning aan leerlingen met dyslexie kunnen bieden. Hierbij worden de richtlijnen vanuit de landelijk opgestelde protocollen zoveel mogelijk gevolgd.

Wat is dyslexie?

“Dyslexie is een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en het accuraat en/of vlot toepassen van het lezen en/of spellen op woordniveau” (Stichting Dyslexie Nederland).

Bij sommige leerlingen is de spelling het probleem, bij andere het lezen. Het gevolg van dyslexie kan zijn dat een leerling last krijgt van sociaal-emotionele problemen. Voor dyslectische leerlingen geldt dus ook dat geen kind hetzelfde is. Dyslexie is geen beperking van intelligentie.

Er kan sprake zijn van dyslexie als een leerling een significante achterstand in het leesniveau heeft. Een aantal zal het zogenaamde AVI 9 niveau niet halen. Dit kan weer gevolgen hebben voor het begrijpen van de tekst. Een kind heeft bijvoorbeeld moeite om de ondertiteling op de TV te lezen of kan de borden langs de kant van de snelweg niet snel genoeg lezen. Het hardop lezen gaat moeizaam, met als gevolg dat begrijpend lezen moeilijk is. De leerling heeft moeite met het correct spellen van woorden, hij/zij kan moeilijk klanken herkennen, soms heeft hij/zij moeite met grammatica en zinsbouw. Het automatiseren van het technisch lezen en spellen komt niet tot stand.

De uitgangspunten van ondersteuning

Bij het inrichten van de ondersteuning streven we binnen het Sterren College de volgende doelen na:

  • Dyslectische leerlingen kunnen die opleiding volgen waartoe ze op basis van hun cognitieve capaciteiten in staat zijn.
  • Ze kunnen omgaan met hun dyslexie.
  • Ze vergroten hun functionele lees- en schrijfvaardigheid, zo nodig met hulpmiddelen.

Leerlingen die voor deze extra aandacht en voorzieningen in aanmerking kunnen komen, hebben wel een officiële dyslexieverklaring nodig!

Met behulp van onderstaande uitgangspunten voor ondersteuning wordt beoogd deze doelen te kunnen realiseren.

  1. De leerling staat centraal
  • Elke dyslectische leerling heeft recht op meer tijd (ongeveer 20 procent) om de toetsen te maken. Wat heeft deze leerling verder nodig? Heeft hij/zij voldoende aan goed onderwijs en extra tijd voor de toetsen of heeft hij/zij daarnaast nog individuele ondersteuning en/of extra hulpmiddelen nodig? Deze vragen moet de school allereerst aan de leerling zelf voorleggen om vervolgens vanuit de hulpvraag van de leerling in overleg met ouders en docenten steun te bieden. Bij het bieden van ondersteuning wordt dus uitgegaan van de hulpvraag, dyslexie is zo individueel gebonden dat niet elke dyslectische leerling alles nodig heeft.
  • Ondersteuning heeft een kans van slagen als de leerling medezeggenschap heeft. De ondersteuning moet aansluiten bij zijn eigen doelstellingen en behoeften. De leerling is medeverantwoordelijk voor het welslagen van de ondersteuning. Belangrijk is dat de leerling zelf gemotiveerd is. Dit betekent in de praktijk dat de school samen met een leerling nagaat wat hij/zij nodig heeft om zo min mogelijk hinder te ondervinden van zijn dyslexie. Hierbij zal de school aangeven welke ondersteuning en faciliteiten wel of niet mogelijk zijn.
  1. De ondersteuning vereist een geïntegreerde aanpak
  • Dit betekent dat docenten zoveel mogelijk binnen de lessen leerlingen begeleiden; dat er een goede afstemming is tussen leerling, ouders en school. Ondersteuning in de lessen richt zich op effectieve instructie, extra instructie, efficiënt klassenmanagement, sociaal-emotionele ondersteuning en planmatig handelen bij problemen.
  • In het ondersteuningstraject worden de afspraken met betrekking tot dyslexie beschreven in het ontwikkelingsperspectief (voorheen handelingsplan) en op de dyslexiepas. Zo worden de afspraken van de ondersteuning geborgd.
  • Het doel van de ondersteuning is dat de leerling steeds zelfstandiger wordt in de aanpak van de leerstof
  1. Taakgerichte ondersteuning en motivatie
  • De leerling bepaalt mede het doel
  • De keuze van de leerstrategie ligt bij de leerling
  • De leerling evalueert of het doel is behaald

De ondersteuning moet gericht zijn op maximaal resultaat voor de leerling met een minimale extra inspanning. Voor een dyslectische leerling kan het resultaat zijn een voldoende halen voor een vak, overgaan naar een volgende klas, een examen halen of voldoende voorbereid zijn op een vervolgopleiding of beroep. De ondersteuning richt zich dan ook niet op de kennis en vaardigheden die geen of weinig effect hebben op de doelen die de leerling zich gesteld heeft.

In de brugklas moet informatie aanwezig zijn met betrekking tot de geboden extra ondersteuning in het basisonderwijs. Herhaling van dezelfde hulp moet worden voorkomen. De hulp moet efficiënt zijn. Dit houdt in dat een leerling die in het basisonderwijs lange tijd goede hulp heeft gehad voor spellen en bij wie is vastgesteld is dat de investering niet opweegt tegen het resultaat, in het voortgezet onderwijs niet opnieuw extra ondersteuning moet krijgen voor spelling. 

Toekennen van faciliteiten

Dyslexie moet zijn vastgesteld door een externe deskundige. Aan de school hoort een onderzoeksrapport bij de deskundigenverklaring te worden verstrekt. Een dyslexieverklaring mag alleen worden afgegeven door een daartoe bevoegde deskundige en niet door de school. De diagnose dyslexie is onbeperkt geldig, evenals de dyslexieverklaring. Soms zullen de adviezen, die in de verklaring genoemd worden, aangepast moeten worden.

Met een dyslexieverklaring is er de mogelijkheid om gebruik te maken van verschillende faciliteiten in het onderwijs. Het toekennen van extra tijd bij toetsen en examinering is altijd toegestaan.

In magister wordt door de school bij de leerling geregistreerd dat er een dyslexieverklaring aanwezig is. Voor iedere docent moet het duidelijk zijn welke leerling een dyslexieverklaring heeft en over welke extra faciliteiten hij op basis hiervan mag beschikken.

Aanvullende maatregelen

  1. Direct aan het begin van het schooljaar komt er een lijst met namen van leerlingen, voor wie aanpassingen gelden.
  2. Toetsen in Verdana 12. Verder dient gekozen te worden voor een duidelijke lay-out en voldoende afstand tussen de regels.

Faciliteiten gedurende de schoolperiode

Ook een uitgangspunt bij het toekennen van faciliteiten gedurende de schoolperiode is, dat de leerling zo goed mogelijk wordt voorbereid op het Centraal Examen. De aanpassing neemt niet de eisen als zodanig weg.

Bepaalde faciliteiten kunnen voor de leerling van belang zijn in de onderbouw, maar mogen niet worden aangeboden tijdens het examen (Het centraal examen wordt bij de basis en kader leerweg digitaal afgenomen, met een speciaal programma voor dyslectische leerlingen. Bij de gemengde en theoretische leerweg wordt het centraal examen op papier afgenomen, hierbij hebben de dyslectische leerlingen alleen verlenging van tijd). Gewenning aan een van deze faciliteiten moet voorkomen worden en afspraken over de afbouw van het gebruik van een faciliteit moet worden afgestemd met de leerling en de ouders. Het is belangrijk dat de leerling geïnformeerd is over de toegestane faciliteiten bij het examen en hier zo goed mogelijk op wordt voorbereid.

Dyslexiepas

In samenspraak met de dyslexiecoach wordt voor iedere leerling met een dyslexieverklaring een dyslexiepas samengesteld met hierop duidelijk beschreven welke faciliteiten de leerling heeft toegewezen gekregen. (Met elke leerling worden individuele afspraken gemaakt)

Faciliteiten tijdens de les kunnen zijn:

  • Gebruikmaken van een computer met spellingscontrole
  • Auditieve ondersteuning
  • Het gebruik maken van een woordenboek
  • Het gebruik van een spellingskaart
  • Aangepaste beoordeling van een toets (voornamelijk op spelling)

Tips voor de leerling

Tijdens de les:

  • Zorg voor goede aantekeningen of kopieer aantekeningen van een andere leerling
  • Schrijf het huiswerk goed op
  • Vraag om hulp
  • Zoek een plaats in de klas waar je je het best kunt concentreren

Huiswerk:

  • Plan je huiswerk goed, verdeel je tijd
  • Leer als het kan niet twee talen op dezelfde dag
  • Maak gebruik van WRTS voor het leren van woordjes
  • Laat een tekst voorlezen als je die niet begrijpt
  • Maak gebruik van schema’s, aantekeningen

Toetsing:

  • Neem de tijd
  • Lees rustig
  • Controleer altijd je werk voordat je het inlevert